Op je loonbrief staan twee bedragen die er echt toe doen: je brutoloon en wat er netto op je rekening komt. Daartussen zitten drie inhoudingen. Wie ze kent, begrijpt ook waarom een opslag minder oplevert dan verwacht.
1. Brutoloon en persoonlijke RSZ
Je vertrekt van je brutoloon, eventueel met premies zoals een ploegenpremie. Daarop houdt je werkgever 13,07% persoonlijke RSZ-bijdrage in. Die gaat naar je pensioen, de ziekteverzekering en de werkloosheidsverzekering. Voor arbeiders wordt de bijdrage berekend op 108% van het brutoloon.
Verdien je weinig, dan krijg je korting op die bijdrage: de werkbonus. Voor een voltijdse bediende is die maximaal € 299,53 per maand bij een brutoloon tot € 2.300,62. Daarboven daalt de korting, tot ze verdwijnt vanaf € 3.403,62 bruto.
2. Bedrijfsvoorheffing
Wat overblijft na de RSZ, is je belastbaar loon. Daarop houdt je werkgever bedrijfsvoorheffing in: een voorschot op je personenbelasting. Hij rekent met de sleutelformule van de FOD Financiën. Die houdt rekening met forfaitaire beroepskosten, de belastingschalen, de belastingvrije som en je gezin. Kinderen ten laste en een partner zonder inkomen verlagen de voorheffing.
Sinds 1 november 2026 rekent de sleutelformule met een hogere belastingvrije som: € 11.550 in plaats van € 11.170. Daardoor steeg het nettoloon van de meeste werknemers een beetje. Lage lonen krijgen bovendien een fiscale werkbonus, die rechtstreeks van de voorheffing afgaat.
3. Bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid
De laatste inhouding hangt af van je loon en je gezinssituatie. Onder ongeveer € 1.945 bruto per maand betaal je niets. De bijdrage is maximaal € 60,94 per maand, of € 51,64 als je partner ook beroepsinkomen heeft.
Een voorbeeld
Een bediende die alleen woont, zonder kinderen ten laste, verdient € 3.500 bruto per maand. In november 2026 ziet de loonbrief er zo uit:
| Onderdeel | Per maand |
|---|---|
| Brutoloon | € 3.500,00 |
| Persoonlijke RSZ (13,07%) | − € 457,45 |
| Belastbaar loon | € 3.042,55 |
| Bedrijfsvoorheffing | − € 608,94 |
| Bijzondere bijdrage | − € 24,74 |
| Nettoloon | € 2.408,87 |
Van elke extra euro bruto houdt deze werknemer ongeveer 44 cent over. Bij lagere lonen is dat soms nog minder, omdat de werkbonus wegvalt terwijl het loon stijgt.
Wat niet op je rekening komt
Maaltijdcheques staan op je kaart. Enkel je eigen bijdrage van € 1,09 per cheque gaat van je nettoloon af. Een bedrijfswagen verhoogt je belastbaar loon met het voordeel van alle aard, zonder dat je dat bedrag uitbetaald krijgt. Je dubbel vakantiegeld en je eindejaarspremie krijg je apart, met een eigen tarief van bedrijfsvoorheffing.
De bedrijfsvoorheffing is een schatting per maand. De echte afrekening volgt op je aanslagbiljet, ruim een jaar later. Wie extra aftrekken heeft, zoals pensioensparen of kinderopvang, krijgt dan vaak geld terug.
Algemene informatie, geen persoonlijk advies. Regels en bedragen zoals bekend op 1 november 2026. Parameters en bronnen